Orthomanuele techniek.

 

De orthomanuele techniek is gebaseerd op de orthomanuele geneeskunde waarvan de basis in 1965 gelegd door de Amsterdamse arts M.Sickesz.

Zij zag het belang in van een goed bewegende en symmetrisch opgebouwde wervelkolom en de invloed van het bekken daarop. Daarvan uitgaande ontwikkelde ze een methode voor een effectieve behandeling.

De methode.

De methode gaat uit van symmetrie in houding en stand van de gewrichten.

Tijdens het eerste bezoek verricht de arts een nauwkeurig en specifiek lichamelijk onderzoek, waarbij in het bijzonder de wervelkolom en bekken wordt bekeken.

Wordt er asymmetrie gevonden in de positie van de wervels ten opzichte van elkaar, dan spreken we van een standsafwijking. Die standsafwijking kan de klachten verklaren.

 

De behandeling

De behandeling heeft als doel de standsafwijkingen op te heffen en de oorspronkelijke bouw en functie van het lichaam te herstellen.

Met behulp van een aantal behandelkussens wordt de wervelkolom in een zodanige stand gebracht dat de wervels door geringe druk van de arts in de juiste positie terecht komen. Het woord “kraken” is hierop zeker niet van toepassing. Er blijkt een vaste wetmatigheid te bestaan in volgorde en aantal wervels dat men in een keer kan behandelen. Daarom zijn een aantal behandelingen nodig: telkens voortbouwend op wat daarvoor bereikt is. Dit aantal verschilt per patiënt en hangt hoofdzakelijk af van de uitgebreidheid en aard van de afwijkingen.

Meestal wordt eens per week behandeld. De behandelingen zijn in de regel niet pijnlijk. Toch kan het zijn dat tijdens de behandelperiode klachten ontstaan, ook waar men ze eerder niet had. Dit is van voorbijgaande aard en duurt meestal niet langer dan 1 week. Na de laatste behandeling kan het nog verscheidene weken duren eer de oorspronkelijke klachten verminderen of verdwijnen. In het algemeen is controle na 2 tot 3 maanden noodzakelijk. Tijdens het onderzoek en de behandelingen wordt tevens bekeken of (terug)verwijzing naar huisarts, fysiotherapeut, houdingstherapeut of specialist nodig is.

 

Behandeling Meridianen.

De blaasmeridiaan en de Du Mai meridiaan worden meebehandeld en dat is gunstig.

De blaasmeridiaan heeft o.a. verbindingen met de inwendige organen, met andere meridianen en met psychisch functioneren. Het werkingsgebied van de blaasmeridiaan is zeer groot en werkt o.a. op pijnlijke en spastische toestanden zoals neuralgieën, hoofdpijnen, krampen en ischias.

 

De Du Mai of Gouverneurmeridiaan beïnvloedt de wervelkolom en schouders. De Dumai heeft ook vele verbindingen met andere meridianen.

 

Wetenschappelijk onderzoek.

In 1990 promoveerden een de Erasmus Universiteit van Rotterdam twee artsen op een onderzoek naar de effectiviteit van de orthomanuele geneeskunde. De onderzoekers vonden een verbetering bij 60-80% van de behandelde patiënten.

Het ging daarbij niet alleen om rug en nek of hoofdpijn, maar ook om klachten van interne aard zoals duizelingen, hartkloppingen, maagklachten en buikpijn.

Verder bleek dat bij een aangetoonde hernia (HNP) ruim 60% van de patiënten verbetert. Als na de hernia operatie de klachten blijven of weer terug zijn gekomen geeft orthomanuele techniek nog bij 36 tot 54% van de onderzochte patiënten een positief resultaat. De orthomanuele geneeskunde wordt nog steeds verder ontwikkeld en uitgebouwd.

 

Indicaties: Er zijn vele indicaties en vnl. nek en rugklachten.

 

Tot besluit:

De orthomanuele techniek, ooracupunctuur, SiVaS  en de neuraaltherapie vullen elkaar goed aan. Afhankelijk van de klachten en het lichamelijk onderzoek en natuurlijk in overleg met de patiënt zal het meest adequate behandelingsplan opgesteld worden. 

 

A Aanen.